De overgave aan het schilderen valt af te lezen van de schilderijen van Francisca Kalmijn (1960) uit Amersfoort. Haar werk is verfijnd en sprookjesachtige. Een natuurlyriek met overvloedige plantengroei en oplichtende vijvers. Deze intense kleur- en lichtsensaties met veel warm goudbruin werken als een magneet. Je blijft er naar kijken. Wekken deze schilderijen bij de kijker al verbazing, de kunstenaar verwondert zich zelf ook regelmatig over het eindresultaat: ‘wat ik ook verzin, het gaat altijd een eigen leven leiden in een richting die ik niet bedenk’. Zo legt Francisca Kalmijn onbewust een gevoelige onderstroom vast die mensen raakt en te voorschijn komt in een goed kunstwerk.

Lida Bonnema Noord-Hollands-Dagblad

 

Een eigen atelier, een plek onder de zon


Een vaste plek was zestien jaar geleden voor kunstenares en schilderes Francisca Kalmijn uit Amersfoort onbereikbaar. Zij moest het doen met een ‘mobiel atelier’, bestaand uit zo’n 1.000 boeken literatuur over kunst en zeker vijfentwintig tot vijftig doeken permanent.
Natuurlijk niet van die kleine handzame afmetingen maar meer het formaat van een grote muur. Verhuizen van hot naar her.

Ergens neerstrijken met onbekende verblijfsduur. Een maand, twee misschien drie, of heel gek een heel jaar! Als kunstenaar in Amersfoort houd je van een nomaden bestaan. Dat zou in ieder geval moeten want anders kom je er bekaaid vanaf en zul je na enige tijd constateren dat het voor een kunstenaar ‘part of the job is’.

Atelierruimtes zijn schaars en de ruimtes die er zijn overschrijden zeker niet de norm van overdadige luxe. Een gemiddelde ruimte is te betrekken op basis van een maand, twee maanden of soms zelfs een jaar.

Misschien met stromend water, of wellicht een oude verwarming die veel lawaai maakt, maar dat zijn dan wel direct de luxe varianten uit de beschikbare ruimtes.
Eigenlijk ben je als kunstenaar in Amersfoort vogelvrij. Zo beweert Francisca. Ruim zestien jaar is zij dakloos geweest wanneer het gaat om het vinden van een goede werkbare ruimte waar zij haar kunstwerken kan vervaardigen. Nu, ze is vijftig, is het haar eindelijk gelukt een plek te vinden waar ze en kan leven en de mogelijkheid heeft om haar kunstwerken te creëren. Maar die plek heeft ze niet via een speciale bemiddeling vanuit de gemeente mogen krijgen. Het is op de ordinaire manier gegaan. Inschrijven, zoeken naar woonruimte en vervolgens lang genoeg op de lijst staan om uiteindelijk een ruimte toegewezen te krijgen.

In een leuke wijk, een oude woning met aangrenzend een grote schuur die nu nog is opgetrokken uit metalen golfplaten. Francisca heeft de toezegging deze schuur te vervangen voor een acceptabele ruimte die zij zal inrichten als atelier. Omdat vooral grote doeken door haar bewerkt worden valt de totale werkoppervlakte als uiterst klein te typeren, maar het is er tenslotte een. En het heeft een permanent karakter. Voor het eerst weet Francisca dat er geen onzekerheid meer is over de volgende maand.

Waarderen mensen wel kunst? En begrijpt het publiek wel wat voor een offers er gebracht worden om hen met bijvoorbeeld een mooi werk aan de wand te verblijden? Maar misschien wil het publiek het ook niet weten.

Zeer waarschijnlijk is ook niet bekend in welke barre omstandigheden kunstenaars soms hun werk moeten creëren. Bovendien kan het publiek daarover ook anders denken.
Waarom toch zoveel moeite doen en waarom toch zoveel offers? Neem gewoon een kantoorbaan waar je zeker bent van warmte, mensen en vaak slechte koffie. Maar dan blijkt al snel dat een kunstenaar handelt vanuit het hart. De creativiteit moet losgelaten worden, die moet zich uiten en dat daarvoor niet altijd de omstandigheden ideaal zijn lijkt erbij te horen. Soi! Het is niet anders.

Maar dat is wel het doel waar Francisca zich hard voor wil maken. Het is wel anders en het kan zeker beter alleen zal de aandacht van de gemeente meer gevestigd moeten worden op het creëren van goede randvoorwaarden voor kunstenaars. Actief op zoek naar passende ruimtes. En die zijn er zeker volgens Francisca. Maar naast standaard ruimtes ziet zij ook andere mogelijkheden. “Het mag best een klein vierkantje aan oppervlakte zijn in een grote fabriekshal”. Temidden van een andere omgeving waar een geheel ander werkproces plaatsvindt.
Het is niet alleen aan de gemeente om kunstenaars te huisvesten. Het is ook aan hen hierin verantwoordelijkheid te nemen en hierin creatief te zijn.

Aanspraak maken op werkruimte is mogelijk maar lijkt geen officiële route te kennen. De gemeente Amersfoort heeft een lijst waarop kunstenaars zich kunnen plaatsen die op zoek zijn naar passende werkruimte, zo beweert Francisca. Maar een echte volgorde lijkt daar niet in te zitten. Zo’n tien jaar geleden liet zij zich ook plaatsen op die lijst. In die context wacht ze nog steeds.

 

∆muriel van der heijden∆ Staalkaartkrant